Partners:

Katholieke Universiteit Leuven i.s.m. Proefstation voor de Groenteteelt; Proefcentrum Hoogstraten en Vlaams Centrum voor Bewaring van Tuinbouwproducten

Soort-Project

VLAIO

Duur:

1/09/2014-31/08/2018

Contactpersoon PSKW:

Bart Van Calenberge en Lieve Wittemans

Korte inhoud:

Naarmate de dagen korten in het najaar verloopt de afrijping van de laatste tomaten steeds moeizamer. Om de productiesnelheid toch op peil te houden, wordt er gebruik gemaakt van ethefon. Ethefon wordt opgenomen door de plant en geleidelijk omgezet naar ethyleen, een natuurlijk plantenhormoon dat de rijping van tomaten stimuleert. Het gebruik van ethefon staat echter steeds meer ter discussie omwille van zijn mogelijke toxiciteit. Onder druk van groene NGO´s is er vanuit de groentehandel meer en meer vraag naar ethefon-vrij product. Het valt te verwachten dat deze druk van de handel enkel maar zal toenemen. Om concurrentieel te blijven is de sector derhalve verplicht om valabele alternatieven te zoeken voor ethefon. Het toepassen van ethyleen als gas in de serre of het in vivo opwekken van de eigen ethyleenproductie van de plant zijn mogelijke residuloze alternatieven voor het ethefongebruik.

De hoofddoelstelling van dit project is dan ook het onderzoeken van in situ en in vivo toepassing van ethyleen in de serre op de afrijping en de kwaliteit van tomaten op het einde van de jaarrondteelt. Binnen dit IWT-project zal worden ingezet op verschillende alternatieve pistes voor de afrijping van tomaten. Ethyleengas kan rechtstreeks in de serre ingebracht worden met behulp van gasflessen om zo de autokatalytische productie van ethyleen te stimuleren. Daarnaast kan ethyleen ook worden opgewekt door katalyse van ethanol. Bij beide technieken zal het effect van verschillende factoren zoals ethyleenconcentratie, behandelingsduur, klimaatomstandigheden, … in kaart worden gebracht. De vruchtkwaliteit is de belangrijkste parameter om tot een optimaal protocol te komen voor toepassing van ethyleen.

Voor een homogeen en kwalitatief resultaat moeten uniforme behandelingscondities in de serre worden gerealiseerd. Zo zal de verdeling van ethyleen in een aantal serres aan de hand van computersimulaties worden bestudeerd en geoptimaliseerd. Ook zal er aandacht gaan naar andere aspecten zoals het verwijderen van ethyleen uit de serre om nadelige effecten voor de volgende teelt te vermijden.

Omdat er nog geen wettelijk kader bestaat voor het toepassen van ethyleengas in een serre om de rijping van tomaten te bevorderen, zal getracht worden om vanuit dit project een erkenningsprocedure voor ethyleengas te ondersteunen.

Naast het gebruik van ethyleengas kan ook de productie van endogeen ethyleen gestimuleerd worden. Dit endogeen ethyleen, dat door de planten zelf geproduceerd wordt, kan worden opgewekt door het aanleggen van stressomstandigheden. Zo zal een plant bij bijvoorbeeld zuurstof- of zoutstress precursoren aanmaken die de productie van endogeen ethyleen activeren. Uit onderzoek zal moeten blijken of deze stress een voldoende groot effect kan teweegbrengen om de endogene ethyleenproductie te activeren.