Op 1 januari 2014 is een Europese richtlijn in werking getreden die elke land- en tuinbouwer binnen Europa verplicht om de principes van geïntegreerde gewasbescherming (IPM) toe te passen op zijn bedrijf. De doelstelling van het demonstratieproject (demonstratieplatform) is om de land- en tuinbouwers zo goed mogelijk te ondersteunen om IPM toe te passen op een manier die voor hun bedrijf geschikt en haalbaar is.

Partners

Inagro i.s.m. Proefstation voor de Groenteteelt te Sint-Katelijne-Waver en Provinciaal Centrum voor de Groenteteelt te Kruishoutem

Soort project

ADLO demonstratieproject

Duur

01/03/2013-28/02/2015

Contactpersoon PSKW

Luc De Rooster

Korte inhoud

Op 1 januari 2014 is een Europese richtlijn in werking getreden die elke land- en tuinbouwer binnen Europa verplicht om de principes van geïntegreerde gewasbescherming (IPM) toe te passen op zijn bedrijf. In Vlaanderen is er al heel wat kennis ontwikkeld omtrent geïntegreerde gewasbescherming. De doelstelling van het demonstratieproject (demonstratieplatform) is om de land- en tuinbouwers zo goed mogelijk te ondersteunen om IPM toe te passen op een manier die voor hun bedrijf geschikt en haalbaar is. Bij de verschillende demoproeven wordt ook het economische aspect benaderd. Nu wordt nog niet voldoende benadrukt dat IPM niet altijd een financiële kost is, maar vaak winst kan opleveren.

De demonstratieproeven hebben als doel:

  • aantonen van het nut van waarnemings- en waarschuwingssytemen
  • stimuleren van een aangepast gebruik van gewasbeschermingsmiddelen om nuttigen te sparen
  • demonstreren van technieken waarbij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen beperkt wordt,zoals dummypil, phytodrip en plantbakbehandelingen
  • aantonen van positief effect van teelttechnische aspecten zoals resistente en tolerante gewassen, bufferstroken,…
  • oplijsten van plagen en hun natuurlijke vijanden

Op het Proefstation te Sint-Katelijne-Waver ligt de focus voor de demonstratieproeven op sluitkool, spruitkool, prei, wortelen, erwt en sla. In de proeven worden herbiciden zoveel mogelijk vermeden. Indien mogelijk wordt er geschoffeld. In alle proeven zal een inschatting gemaakt worden van de kostprijs (extra werkuren, machines,…) om de herbiciden te vervangen door machinaal schoffelen.

Tijdens de bezoeken aan de verschillende teelten op het demoplatform kunnen de bezoekers ook getraind worden in het herkennen van plagen en nuttigen. Immers veel nuttigen (zweefvliegen, sluipwespen, lieveheersbeestjes…) zorgen ervoor dat de plagen op een natuurlijke manier onder controle kunnen gehouden worden. Het is dan ook erg belangrijk om verschillende stadia van de nuttigen te kunnen onderscheiden van die van het plaagorganisme. Ook het werkingsspectrum van de verschillende insecticiden moet gekend zijn om te weten hoe je de nuttigen kunt sparen.